
Het landschap is prachtig en bergachtig; zo’n 50% ervan is natuur en platteland. Natuurliefhebbers kunnen hier hun hart ophalen! In de afgelegen gebieden vind je talloze vogelsoorten en andere dieren en ook nog veel van de oorspronkelijke bewoners; de Hakka. Het zijn boeren en de vrouwen zijn te herkennen aan de typische rieten hoeden.

Vlak bij Sha Tin kun je het Monastery of the Ten Thousand Buddha´s bezoeken. In het klooster bevinden zich duizenden kleine boeddhabeeldjes, geschonken door gelovigen. In de “Bo Fook Ancestral Worship Hall” kunnen gelovigen een kleine nis kopen om na hun overlijden hun urn te plaatsen. Iets verderop zie je de “Four Faced Buddha”, uitkijkend over alle windrichtingen van de wereld.
Bezoek vooral ook gefortificeerde nederzettingen in de omgeving. De Tang-clan vestigde zich in de 10e eeuw in dit gebied. De clan deed het goed en stichtte in de loop der eeuwen verschillende nederzettingen. Rond de 15e eeuw waren er 6 aaneengesloten, ommuurde dorpen. De muren waren ter bescherming tegen piraten en tijgers. Kat Hing Wai is de grootste van deze dorpen en het is leuk om door de smalle straatjes te wandelen, de tempel te bezoeken en natuurlijk even in de souvenirwinkels te snuffelen!
